Jouw (klein)kind of leerling heeft verdriet. Misschien heeft hij iemand verloren, misschien zijn de ouders verwikkeld in een scheiding of misschien staat er een verhuis gepland. Weet je niet goed of hij de balans terugvindt na zo’n verlies? Of vind je het moeilijk om daarbij te helpen?

Het is helaas eigen aan het leven dat we te maken krijgen met grote en kleine verliezen. Hoe graag je het hen zou willen besparen, het is onmogelijk om kinderen daar volledig voor af te schermen.

Hoe ga je om met kinderen in rouw?

Verlies is altijd lastig. Er bestaat geen gouden regel om daarmee om te gaan. Wanneer je kinderen echt wil ondersteunen, moet je hun aanpassingsproces na een moeilijke periode begrijpen, erkennen en hen daarin ondersteunen.

Hoe ziet het aanpassingsproces van kinderen eruit?

Dat aanpassingsproces wordt gekaderd via het duale procesmodel bij verliesverwerking (Stroebe & Schut, 1999)*. Dat model stelt dat kinderen met een gezond aanpassingsproces niet uitsluitend bezig zijn met verdriet.

Kinderen kunnen het ene moment intens huilen om vervolgens te spelen alsof er niets aan de hand is. Dat is een teken dat verdrietige episodes (verliesproces) afgewisseld worden met andere activiteiten of afleiding (herstelproces). Beide elementen zijn nodig voor een gezond aanpassingsproces.

Waarom is er een verliesproces en een herstelproces nodig?

De combinatie van die processen zorgt ervoor dat het verdriet niet zomaar wordt vergeten of weggedrukt, maar behoedt het kind wel voor een overspoeling van emoties.

Zijn beide processen even belangrijk?

Verlies en herstel bevinden zich tijdens het aanpassingsproces als het ware op een balans. Dat wordt mooi geïllustreerd in de tekening. Daarop zie je hoe een gezonde aanpassing zijn evenwicht zoekt. Daar is natuurlijk tijd voor nodig, dus gun een kind dat ook.

Zijn er zaken die je best wel of niet zegt tegen een kind in rouw?

Let op voor waardeoordelen die je vaak onbewust meegeeft aan kinderen. “Je moet sterk zijn.” “Je kan nu niet naar het verjaardagsfeestje, het is niet gepast.” Dat zeg je met de beste bedoelingen, maar eigenlijk ondermijn je zo een gezond aanpassingsproces.

Kinderen bijstaan in verliessituaties is niet makkelijk, maar kennis van dit model helpt wel om te kijken of het kind beide deelprocessen aanwendt en of er bijsturing nodig is. Zo beschik je over de nodige handvatten zodat niemand er alleen voor staat.

*Stroebe, M. & Schut, H. (1999). The dual process model of coping with bereavement: rationale and description. Death Studies, 23(3), 197-224.

Wat als je een kind wil steunen, maar niet weet hoe?

Je krijgt te maken met een kind dat verdriet heeft. Misschien is het je eigen kind, je kleinkind of een leerling. Ga je het gesprek aan? En hoe?

Troostkaarten voor kinderen en jongeren

Wat als een kind een dierbare verliest? Of lijdt onder de ziekte van een familielid? Wat als je een kind wil steunen of troosten, maar niet weet hoe?

De opdrachten op elke troostkaart helpen om de juiste woorden te vinden of stellen een creatieve verwerkingsopdracht voor. Zo krijg je meer inzicht in het verwerkingsproces bij kinderen en jongeren. Je leert hoe je de geschikte kaart kiest en hoe je die gebruikt in verschillende situaties. 

Katrien Vanhauwaert, Cindy Verhulst, Troostkaarten (Acco Uitgeverij, Leuven, 2017). 32 blz. €20,60. ISBN: 9789462927162

Verkrijgbaar via de Acco-webshop of in de boekhandel.

Geef een reactie

Sluit Menu