1. Iemand die een epileptische aanval krijgt kan zijn tong afbijten.

Een eerste misvatting over epilepsie. Iemand kan tijdens een epilepsieaanval zijn tong niet afbijten, maar wel zo hard bijten dat het begint te bloeden. Dat kan gevaarlijk zijn omdat het bloed in de keelholte loopt en de luchtweg kan compromitteren. In dit geval moet je de epilepsiepatiënt in stabiele zijligging leggen. Zo kunnen het speeksel en het bloed uit de mond lopen zonder dat het in de keel terecht komt en de luchtweg blokkeert.

Het is dus, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, absoluut niet aangewezen om tijdens een epilepsieaanval iets tussen te tanden te steken om een eventuele tongbeet te vermijden. Vaak lukt het niet om iets tussen de tanden te steken en duw je de tong verder naar achteren, wat ervoor kan zorgen dat je de luchtweg blokkeert.

2. Alleen mensen met epilepsie kunnen een epileptische aanval krijgen.

Ongeveer 5% van de bevolking zal ooit in zijn een leven een epileptische aanval doormaken. En dat zijn niet alleen de mensen die epilepsie hebben. Een epilepsieaanval kan bijvoorbeeld uitgelokt worden door een samenloop van omstandigheden, zoals de combinatie van vermoeidheid en een uitlokkende externe factor zoals stroboscopisch licht.

3. Een epileptische aanval ziet er altijd hetzelfde uit.

Er bestaan verschillende vormen van epilepsie. Van lichtere vormen zoals tijdelijk afwezig zijn en snel terug aandacht geven tot epileptische aanvallen met volledig bewustzijnsverlies. Een epilepsieaanval ziet er dus niet altijd hetzelfde uit.

Bij een epileptische aanval met volledig bewustzijnsverlies kan je het volgende herkennen:

  • Het verlies van bewustzijn en ongecontroleerde tonisch-clonische bewegingen van het hele lichaam die 30 tot 45 seconden kunnen duren.
  • Bij een gevulde blaas is er urineverlies.
  • Zoals eerder aangehaald is het mogelijk dat de epilepsiepatiënt in zijn tong bijt, maar dus niet afbijt.
  • Na de tonisch-clonische aanval is het slachtoffer atoon en bewusteloos, hij heeft een verschilde en diepe, vaak snurkende, ademhaling.

De epilepsiepatiënt komt na een paar minuten traag terug bij bewustzijn, als er geen nieuwe aanval optreedt. Tot het slachtoffer weer helemaal bij bewustzijn is, is hij vaak gedesoriënteerd (in tijd en ruimte) of verward.

Wil je jouw kennis over eerste hulp vergroten? Dan is het boek Eerste Hulp een echte aanrader. Met de praktische informatie verrijkt met veel fotomateriaal in het boek en de duidelijke informatie- en instructiefilmpjes op Sofia, verdiep je jouw kennis van EHBO snel en efficiënt.

Over het boek

Als zorgverlener wil je op eender welk moment optimale eerste hulp kunnen bieden. De juiste reactie maakt immers vaak het verschil tussen leven en dood. Daarom wil je er zeker van zijn dat je acties berusten op evidentie, de best practices volgen en ondersteund zijn door de laatste technologische ontwikkelingen. 

Eerste hulp. Wegwijzer voor zorgberoepen vertrekt vanuit jouw voorkennis en noden als zorgverlener. Deze uitgave neemt je mee op weg in de dringende geneeskundige hulpverlening, evaluatie van noodsituaties, verzorging van wonden, letsels en fracturen, evacuatietechnieken en houdingen. Ook eerste hulp bij kinderen, zwangere vrouwen, ouderen, mensen van andere culturen, rampen en seksueel geweld komen aan bod. 

Deze digitaal verrijkte uitgave ondersteunt je met concrete leerdoelen en tal van voorbeelden, stappenplannen, casussen, video’s, interactieve vragen, handige links en een discussieforum. Zo ben je grondig voorbereid om de beste eerste hulp te bieden.

Nathalie Charlier, Stefaan Nijs, Marc Sabbe, Eerste hulp – Wegwijzer voor zorgberoepen (Acco uitgeverij, Leuven, 2019). 200 blz. €42. ISBN: 9789463791427

Verkrijgbaar via de Acco-webshop of in de boekhandel.

Over de auteurs

Nathalie Charlier is hoofddocent Eerste hulp (EHBO) en programmadirecteur voor de Educatieve Master in de Gezondheidswetenschappen aan de KU Leuven. Ze is erkend als bedrijfseerstehulpopleider door de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg.

Stefaan Nijs leidt de dienst Traumatologie van het UZ Leuven en doceert als hoogleraar aan de KU Leuven onder meer traumatologie en EHBO.

Marc Sabbe is kliniekhoofd van de dienst Urgentiegeneeskunde van het UZ Leuven en hoofd van de afdeling Urgentiegeneeskunde van d e Faculteit Geneeskunde KU Leuven. Hij doceert als deeltijds hoogleraar urgentiegeneeskunde, rampengeneeskunde en EHBO.

Geef een reactie

Sluit Menu