Hoe een moeilijk en gevoelig onderwerp als radicalisering bespreekbaar maken in de klas

Leerlingen en leerkrachten staan in Vlaanderen opnieuw in de startblokken. De race to be run is hier vaak de race naar kennis en vaardigheden om vakken als Engels, Nederlands, gedragswetenschappen, lassen, houtbewerking, … te beheersen.

Wanneer je als leerkracht dit jaar lesgeeft aan de leerlingen in je klas, is het helaas mogelijk dat een van hen later een terreurdaad zal verrichten. Haashi Ayaanle, de jongeman die in Brussel een militair aanviel, tweemaal ‘Allahu Akbar’ riep en vervolgens werd doodgeschoten, was ooit een (onbeduidende?) jongere in een school. Hij werd op zijn werk gepest omdat hij een andere huidskleur had. Of dit incident überhaupt met radicalisering te maken heeft, is lang niet zeker. Het profiel van deze jongeman laat dat in elk geval niet vermoeden. Maar het is wel een profiel van isolement, ook al ging hij gewoon, zoals de buren en collega’s zeiden, “met een glimlach naar zijn werk in de fabriek elke dag”.

De oorzaken van radicalisering zijn heel complex, maar er is een gemene deler. Bij verschillende daders, zoals bijvoorbeeld de broers Kouachi die de aanslag op Charlie Hebdo in januari 2015 in Parijs pleegden, zien we hetzelfde als bij Ayaanle en ook bij Abouyaaqoub uit Barcelona. Er is op een of andere manier sprake van ‘vervreemding’ van onze samenleving. Aan dergelijke zaken kan je als leerkracht op school iets doen. De school is immers de plek waar jongeren leren om voor deze samenleving te zorgen.

Hier zijn enkele items waarmee je als leerkracht dit schooljaar in je klas aan de slag kan:

Werk aan het inclusieve klimaat van de klasgroep. Voelen jongeren zich offline opgenomen en begrepen in de groep, dan zoeken ze minder koortsachtig online verbinding met radicale groeperingen of dwaalleraren.

Werk in de klas aan dialoogvaardigheden en leer jongeren constructief omgaan met meningsverschillen. Dat betekent: de vaardigheid om een gesprek te voeren over de inhoud, op basis van argumenten, en niet enkel op basis van manifestatie- of geldingsdrang of meningen (zoals op sociale media). Leer de jongeren oog krijgen voor gefundeerde opvattingen, niet louter meningen. Bij een geïsoleerde jongere betekent dit vaak gewoon al een gesprek kunnen en durven aangaan.

Werk aan een cultuur van constructief kritisch denken. Identiteit en sociale media zijn twee thema’s die ‘preventief’ kunnen werken in het kader van deradicalisering.

Hoe pak je dat nu concreet aan in je klas?
Je vindt hierover heel wat informatie in de recente publicatie Leerling of bekeerling. Radicalisering bespreken in de klas van Kristof Van Rossem, Jeffrey Meskens en Jade van Overmeir.  Je kan ook een nascholingscursus volgen.
Zo maak je dit moeilijk en gevoelig onderwerp bespreekbaar in je klas.

leerlingbekeerlingvp

Geef een reactie

Sluit Menu