Roos springt enthousiast op één been en roept: “Meester, ik weet het, het is A!”. Lucas daarentegen zwaait fervent met zijn armen: “Nee, het juiste antwoord is B!”. Andere leerlingen springen om ter hoogst in de lucht. Klinkt als een klas op stelten? Nee hoor.

Het loont namelijk de moeite om leerlingen in de lagere school meer te laten bewegen tijdens de lessen. Er is steeds meer wetenschappelijk bewijs dat bewegingsintegratie een positieve invloed heeft op het cognitief functioneren van leerlingen.

Wat is bewegingsintegratie?

Bewegingsintegratie omvat alle activiteiten die de leerkracht in zijn of haar les toepast met het oog op het bereiken van de kennis, vaardigheden en attitudes van leerlingen enerzijds, en het verhogen van de fysieke activiteitsgraad anderzijds.

En waarom dan wel?

Regelmatige deelname aan sport- en beweegactiviteiten brengt veel teweeg in jonge hersenen. Het leidt zowaar tot veranderingen in de hersenstructuur. Dat klinkt misschien wat verontrustend, maar het is eigenlijk heel positief.

Wat voor veranderingen gebeuren er dan in de hersenstructuur?  

Goede vraag. Er is heel wat beweging in de hersenen:

  1. een verhoogde aanmaak van zenuwcellen;
  2. meer verbindingen tussen zenuwcellen;
  3. een verhoogde synapsplasticiteit
    (het vermogen om de verbinding tussen twee zenuwcellen van sterkte te veranderen);
  4. een betere doorbloeding van de hersenen;
  5. activatie van het centrale zenuwstelsel;
  6. een verhoging van stoffen zoals adrenaline en dopamine.

Klinkt indrukwekkend, maar merk ik daar als leerkracht iets van in de klas?

Er is licht bewijs voor een effect van sport en bewegen tijdens de schooluren op het geheugen, de aandacht en concentratie en het gedrag in de klas, maar dat bewijs is nog niet sterk en niet eenduidig.

Maar mijn leerlingen worden er wel fitter van?

Dat klopt! Dat effect is natuurlijk wel afhankelijk van de intensiteit, de duur en het type activiteit. Daarnaast is er ook krachtig bewijs voor het effect van sport en bewegen op motorische vaardigheden en beweegvaardigheden. Zo zouden leerlingen die voor hun zevende jaar zulke vaardigheden verwerven, een blijvende voorsprong hebben op leerlingen die dat niet doen.

En de schoolprestaties? Hoe zit het daarmee?

Zoals hierboven uitgelegd, verandert fysieke activiteit de hersenfuncties en de cognitie (aandacht, informatieverwerking, geheugen en uitvoerende functies) van leerlingen. Bijgevolg wordt vaak gedacht dat fysieke activiteit ook de academische prestaties verbetert, al is daar nog geen eenduidigheid over.

Wordt bewegingsintegratie al toegepast?

Zeker. De feedback van leerkrachten die bewegingsintegratie toepassen werd ook verzameld. Zij gaven diverse versterkende en belemmerende factoren aan.

Belemmerende factoren:

1. Tijd en ruimte is gerelateerd aan het aantal leerlingen in de klasgroep.

2. Leerkrachten vreesden voor de praktische organisatie.

3. Niet iedereen is gemotiveerd om deel te nemen.

Versterkende factoren:

1. Leerlingen hebben veel energie, die ze kwijt kunnen tijdens de bewegingsoefeningen.

2. Leerlingen hebben niet het gevoel dat ze aan het leren zijn tijdens bewegingsintegratie.

3. Leerlingen onthouden de leerinhouden beter.

Ondanks de belemmerende factoren waren de leerkrachten toch geneigd om bewegingsintegratie te blijven toepassen vanwege de vele voordelen die daaraan verbonden zijn. Het loont dus écht de moeite om meer te bewegen tijdens de lessen. Vraag natuurlijk wel even toestemming aan je schoolbestuur.

 

Over Leren in beweging

Bewegingsintegratie is dé manier om kinderen te laten bewegen en de competenties in de lagere school aan te leren. Ook hun welbevinden en hun betrokkenheid verhoog je zo.

In het eerste deel krijg je een theoretisch kader over de visie op bewegingsintegratie. Daarna vind je allerlei activiteiten per leergebied: Nederlands, Frans, wiskunde, wetenschappen en techniek, mens en maatschappij, levensbeschouwelijke vakken en vakoverschrijdend werken. Alle activiteiten zijn logisch en gestructureerd opgebouwd, met richtvragen om de leerinhouden te verdiepen en heel wat mogelijkheden voor variatie en differentiatie.

Marie Vandebroek, Cindy Rutten, Dorien Wassink, Leren in beweging. Activiteiten bewegingsintegratie voor de lagere school (Acco Uitgeverij, Leuven, 2019). 159 blz. € 24,50. ISBN: 9789463793407.

Verkrijgbaar via de Acco-webshop of in de boekhandel.

Geef een reactie

Sluit Menu